OnderwijsSpiegel.nl
School Ex Programma

Het School Ex Programma in de praktijk

Alle BVE-scholen zijn in mei geconfronteerd met het School Ex Programma. Het einde van het schooljaar is toch al een drukke periode. Zo’n arbeidsintensief project kunnen ze er moeilijk bij hebben. Toch is ROC Eindhoven er voortvarend mee aan de slag gegaan. DigiDoc nam een kijkje.

Eind mei heeft DigiDoc de antwoordkaarten van het School Ex Programma naar de scholen gestuurd. Hierop kunnen leerlingen invullen wat hun toekomstplannen zijn. Na een week blijkt dat nog niet alle ROC’s hier direct mee aan de slag zijn gegaan. Bij één van de ROC’s die DigiDoc belt, blijken de kaarten nog werkloos in een hoekje te liggen. Bij een andere zijn de kaarten ingevuld, maar dan zonder dat de studenten zijn gewezen op het belang van doorleren. “Ik kan me wel voorstellen dat sommige ROC’s moeite hebben met de uitvoering van het project”, vertelt Nadine de Win, beleidsmedewerker van ROC Eindhoven. “Het is allemaal erg kort dag en het einde van het schooljaar is toch altijd al een drukke periode.”


Snel
ROC Eindhoven heeft het project al wel goed op de rails. “De grootste winst is dat we er meteen mee begonnen zijn”, vertelt De Win. “Vrij snel na de eerste brief van de MBO-raad hebben we een instructie geschreven voor de scholen, voor de contactpersonen van de studenten en de studentenbegeleiders.” Hierin staan de belangrijkste zaken van het project nog eens genoemd, zoals het feit dat het belangrijk is om studenten die overwegen om te gaan werken te attenderen op de mogelijkheid om door te leren. Ook wordt uitgelegd dat het goed is om studenten te verleiden tot een persoonlijk gesprek met de studiebegeleider om zo de doorleermogelijkheden te bespreken. De nadruk ligt op het doorleren op een hoger niveau, maar ook verbreding en verdieping behoort tot de mogelijkheden. Als blijkt dat de student desondanks alleen interesse heeft in werken, dan is het de bedoeling om hen door te verwijzen (indien nodig onder begeleiding) naar het Jongerenloket of het UWV Werkbedrijf voor het zoeken van een passende baan. Bovendien worden scholen die problemen hebben bij de uitvoering van het project in de instructie opgeroepen om zich te melden.

Praktische problemen
Vooral op dat laatste punt heeft De Win veel reacties gekregen. “Het grootste probleem van veel scholen is dat de studenten niet meer op school zijn, omdat ze hun vakken al hebben afgerond, op stage zijn of thuis werken aan opdrachten. We hebben hen geadviseerd om de studenten in die gevallen de antwoordkaart toe te sturen met een begeleidend schrijven en een gefrankeerde retourenvelop. Ook zouden ze de studenten kunnen bellen om tijdens het telefoongesprek samen de kaart in te vullen. Het gaat immers alleen om enkele persoonlijke gegevens en één vraag over het toekomstperspectief.”
Veel scholen lopen er bovendien tegenaan dat ze onvoldoende capaciteit hebben voor de individuele gesprekken. “Dit hebben we opgelost door vanuit de Dienst Studentenservice extra studentenbegeleiders beschikbaar te stellen. Daarnaast hebben we de vergoeding van de MBO raad opgesplitst in twee fases. Het eerste deel van de vergoeding krijgen scholen voor het aantal ingevulde antwoordkaarten, het tweede deel voor het aantal individueel gevoerde toekomstgesprekken. Hiermee willen we scholen een extra prikkel geven om – ondanks de drukte van de examens – de persoonlijke gesprekken te gaan voeren. Bovendien hebben ze hierdoor ook de financiële middelen om extra studentenbegeleiders in te huren.”

Ouders
De officiële deadline voor het inleveren van de kaarten is 1 juli. ROC Eindhoven heeft die deadline vervroegd naar 19 juni en de scholen de opdracht gegeven om een kopie van de kaarten te sturen naar het interne Bureau Beleidsevaluatie & Control. Dit bureau inventariseert zo snel mogelijk welke studenten willen gaan werken, of nog niet weten wat ze gaan doen. Zo kunnen de scholen hen snel benaderen voor individuele gesprekken. “We denken namelijk dat het aan de late kant is als je pas na 1 juli kan beginnen met de toekomstgesprekken”, legt De Win uit. “Dan zijn studenten misschien al met vakantie en is het moeilijk om hen te motiveren om nog naar school te komen.”
Daarnaast heeft ROC Eindhoven ook andere kanalen aangeboord om het onderwerp jeugdwerkloosheid onder de aandacht te brengen. Zo is er een extra editie uitgebracht van de nieuwsbrief voor studenten en ouders (ROC Extra) die geheel gewijd is aan de voordelen en de mogelijkheden van doorleren. Ook zal het College van Bestuur de directeuren van de scholen verzoeken om tijdens hun speech op de diploma-uitreiking aandacht te schenken aan het onderwerp. “De diploma-uitreiking is een belangrijk moment omdat de ouders er dan bij zijn. Als directeuren daar vertellen waar studenten terecht kunnen voor extra informatie over doorleren of begeleiding naar werk, dan pikken ouders dat ook op.”

Reacties
“De reacties van de scholen op het project zijn wisselend”, zo merkt De Win. “Sommige docenten vinden het prima, anderen zien het als weer een extra taak in een periode die toch al zo hectisch is. Wij proberen die laatste groep te overtuigen van het belang van dit project voor de studenten.” Ze merkt wel dat voor sommige scholen het belang van het project minder groot is, omdat de sector geen last heeft van de crisis. “In de zorg bijvoorbeeld speelt dit onderwerp niet. Studenten blijven hangen op hun stagebedrijf of vinden op een andere manier snel werk. Dit project zal dan ook weinig meerwaarde hebben voor deze groep studenten.”
Zelf is De Win enthousiast over het project. “Het is alleen wel jammer dat het project pas zo laat in het jaar is geïnitieerd. Als dit twee maanden eerder was ingezet, dan hadden we de studenten beter kunnen bereiken met informatie over doorleren. We doen nu wat we kunnen, maar door het late tijdstip verwacht ik dat het effect beperkt zal zijn.”

Vervolg
Mocht de crisis volgend jaar nog niet voorbij zijn, dan hoopt ze dat het project een vervolg krijgt. Natuurlijk heeft ze wel wat punten die voor verbetering vatbaar zijn. Zo zou het beter zijn als de antwoordkaarten digitaal ingevuld kunnen worden en als het project zich zou concentreren op de risicogroep: studenten op niveau 1 en 2 en studenten in sectoren die hard worden getroffen door de crisis. “Maar het idee is goed. Onze verantwoordelijkheid stopt niet bij de diploma-uitreiking. Het is goed om studenten net dat stapje verder te helpen.”